Interne videomaker of externe videopartner?

Inleiding

Veel marketing- en communicatiebureaus komen op een vergelijkbaar punt. De vraag naar video groeit, klanten verwachten snellere doorlooptijden en meer formats, en campagnes worden steeds visueler. Op papier lijkt de oplossing logisch: “Misschien moeten we een interne videomaker aannemen.”

Tegelijkertijd leeft de twijfel. Is er wel genoeg continu werk? Kunnen we kwaliteit en strategisch niveau borgen? En wat gebeurt er als die ene videomaker ziek is, vertrekt of simpelweg niet past bij elke klantvraag?

Dit artikel helpt bureaus bij een concreet besluitmoment: kies je voor een interne videomaker, of voor een externe videopartner? Niet vanuit theorie, maar vanuit capaciteit, schaalbaarheid en praktijkervaring.

 

De stelling / kerninzicht

Een interne videomaker is zelden de structurele oplossing voor bureaus die willen opschalen.
Voor de meeste marketing- en communicatiebureaus werkt een vaste externe videopartner beter: flexibeler, consistenter in kwaliteit en beter passend bij wisselende campagnes en klanten.

Dat betekent niet dat intern altijd verkeerd is. Wel dat het alleen werkt onder duidelijke voorwaarden — en dat die voorwaarden vaak onderschat worden.

 

Waarom dit vaak misgaat

De keuze voor een interne videomaker wordt regelmatig gemaakt vanuit een operationele frustratie, niet vanuit een strategische afweging.

Wat bureaus vaak onderschatten:

  • Video is geen eenduidige discipline
    Filmen, regisseren, belichten, geluid, editing, motion, kleurcorrectie en formatdenken vragen verschillende vaardigheden. Eén persoon kan dit zelden allemaal op hoog niveau én onder tijdsdruk.

  • Capaciteit is grillig
    De ene maand is er te weinig werk, de volgende maand te veel. Video laat zich lastig “gelijkmatig plannen” binnen een bureau dat ook campagnes, strategie en creatie runt.

  • Strategisch meedenken verdwijnt naar de achtergrond
    Een interne videomaker wordt al snel uitvoerend ingezet: “kun je dit even filmen?”. De koppeling met campagnedoelen, KPI’s en positionering raakt ondergesneeuwd.

  • Kwaliteit wordt persoonsafhankelijk
    Alles hangt af van één profiel. Dat is kwetsbaar, zeker richting grotere klanten of aanbestedingen.

 

Wanneer een interne videomaker niet werkt

Een interne videomaker is geen goede keuze als:

  • video niet wekelijks structureel wordt ingezet binnen meerdere klanten

  • het bureau werkt met sterk uiteenlopende sectoren en formats

  • video onderdeel is van campagnes met duidelijke KPI’s, niet losse producties

  • er geen ruimte is voor doorontwikkeling, sparring en specialisatie

  • de verwachting leeft dat één persoon “alles wel kan”

In deze situaties ontstaat vaak precies het tegenovergestelde van wat beoogd was: vertraging, kwaliteitsdiscussies en extra druk op het team.

Wanneer intern wél logisch kan zijn

Er zijn uitzonderingen. Een interne videomaker kan werken als:

  • video dagelijks en voorspelbaar onderdeel is van de dienstverlening

  • het bureau zich specialiseert in één type format (bijv. social shorts)

  • er ruimte is voor coaching, back-up en externe aanvulling

  • video vooral operationeel wordt ingezet, niet strategisch leidend

Belangrijk: ook in deze gevallen blijft externe ondersteuning vaak nodig bij pieken, specialistische producties of grotere campagnes.

 

Wat een vaste externe videopartner wél oplost

Een strategische videopartner is geen “extra handje”, maar een verlengstuk van het bureau.

Praktisch betekent dat:

  • Schaalbaarheid zonder vaste lasten
    Meer of minder productie afhankelijk van campagnes en seizoenen.

  • Meerdere disciplines beschikbaar
    Regie, camera, editing, motion en formatontwikkeling zonder alles in-house te hoeven hebben.

  • Strategische aansluiting
    Video wordt geen los product, maar onderdeel van campagne-opbouw, funnel en KPI’s.

  • Consistente kwaliteit richting klanten
    Onafhankelijk van interne drukte of personele wisselingen.

  • Korte lijnen zonder aansturingsoverload
    Mits de samenwerking goed is ingericht, werkt een externe partner vaak zelfstandiger dan een interne junior.

 

Wat dit betekent voor marketing- en communicatiebureaus

De echte vraag is niet: intern of extern?
De echte vraag is: welk model ondersteunt onze groei zonder ons team te belasten?

Dat vraagt om duidelijke keuzes:

  • Zie je video als strategisch middel of als uitvoerend product?

  • Moet video meeschalen met campagnes, of structureel “bezet” zijn?

  • Wil je sturen op kwaliteit en impact, of op beschikbaarheid?

Voor veel bureaus — zeker die werken voor overheden, maatschappelijke organisaties en missiegedreven MKB — blijkt een vaste externe videopartner beter aan te sluiten bij hoe campagnes in de praktijk verlopen.

 

Afronding

Een interne videomaker aannemen voelt vaak als controle. In de praktijk levert het die controle zelden op — en beperkt het juist de flexibiliteit die bureaus nodig hebben om te groeien.

Een externe videopartner werkt alleen goed als die meedenkt, eigenaarschap pakt en snapt hoe campagnes werken. Niet als afhaalservice, maar als onderdeel van het team.

Twijfel je over welke vorm bij jullie bureau past? Dan is het zinvol om die keuze eerst scherp te maken, vóórdat je investeert in mensen of middelen die later niet blijken te passen.

Een goed gesprek over capaciteit en schaalbaarheid voorkomt veel gedoe achteraf.

Volgende
Volgende

Video inzetten binnen campagnes: wanneer werkt het wel (en wanneer niet)?